13 januari 2012 14:08 | Leeftijd: 41 dagen
| Thema: West-Vlaanderen, Kortrijk

Cuba Libre

Ergens in de video-installatie What is democracy ? van de Oostenrijkse kunstenaar Oliver Ressler wordt geopperd dat Cuba een betere democratie zou zijn dan pakweg België. Net daar moesten we Zorgelozen Piet De Pauw en Johan Walgraeve niet meer van overtuigen. Deze zomer gingen ze er met de makkers van het ABVV zelf poolshoogte nemen. Ze schreven er dit verslag over.

Maria verkoopt de beste koffie van heel Cuba en omliggende. Ze woont in Las Terrazas, een gemeenschap in de Sierra del Rosario. Het gebergte is altijd een betere plaats om koffie te telen dan de laagvlakte: koffie heeft zowel zon als schaduw nodig en het gebergte is zeer mild met schaduw.

Vanaf de 18de eeuw vestigden Franse koffieboeren uit het naburige Haïti zich in de streek. Toen de slavernij werd afgeschaft in 1886 tijdens de guerra chica, het korte vervolg op de eerste onafhankelijkheidsoorlog, keerden de Fransen naar Haïti terug. De landbouwers uit de streek begonnen massaal bomen te kappen om houtskool te maken. Tot de revolutie van 1956-1959 was dit de enige manier voor de boeren om te overleven. Na de revolutie werden de koffieplantages herbebost met o.a. acajou, Europese eik en teak. Een nieuwe gemeente, Las Terrazas, werd opgericht. Haar naam dankt ze aan de natuurvriendelijke manier van landbouw en huisvesting: om de erosie van de bodem tegen te gaan gebeurt alles in terrasvorm. De in de omgeving verspreid levende plattelanders werden uitgenodigd om zich in de nieuwe gemeenschap te vestigen. De overheid zorgt voor gratis huisvesting. Er wordt 0,0 – nul komma nul ! - peso huur betaald. De inwoners betalen enkel een klein bedrag voor water en elektriciteit. En net zoals in heel Cuba zijn onderwijs en gezondheidszorg er geheel gratis en van uitstekende kwaliteit. Maria woont in een klein huisje en op de tafel liggen de witte zakjes koffie, bonen of gemalen, naar keus, 5 peso of 3,85 euro voor een halve kilo.

Op een dag werden we bij het dessert na het varken aan het spit vergast op een optreden van een gitarist en een zanger. De gitarist kende maar één liedje en de zanger was blind. Telkens herhaalden zij, met enige pauze, hetzelfde lied. De zanger droeg met trots zijn badge: ‘Free the 5’. Zoals algemeen is geweten houden de Verenigde Staten vijf Cubaanse helden achter slot en grendel, in mensonwaardige omstandigheden, omdat zij aanslagen tegen het Cubaanse volk verijdelden. Terwijl echte terroristen als Posilla, die de dood van 79 vliegtuigpassagiers op zijn geweten heeft, vrij en vrolijk rondlopen in Miami. Piet werd aangewezen als Chinese vrijwilliger om met de pet rond te gaan. Bij het overhandigen stortte de hele inhoud van zijn pet op de grond, wat tot algemene hilariteit leidde. Zelfs in Cuba wordt er gelachen en niet alleen door toeristen.

Wegens de regen kan het stedelijke museum niet bezocht worden. Als het regent zijn de musea immers gesloten. Eveneens door de regen, maar vooral door het ontbreken van rubberlaarzen, is het bezoek aan de cacaoplantage afgelast. Gelukkig is er vlakbij een boerderij met een educatieve tentoonstelling over cacao die we kunnen bezoeken. Er staat een meer dan 600 jaar oude mangelboom die een kolonie termieten huisvest. Je moet goed kijken om ze te zien, zo klein zijn ze. Als je die beestjes eet, proef je een olieachtige notensmaak.

De nikkelmijn die we zouden bezoeken is door de regen herschapen in een modderpoel. Een tekort aan rubberlaarzen is weerom de reden waarom het bezoek afgelast is. Dan maar naar ons einddoel voor die dag, Baracao, de oudste stad van Cuba. De weg loopt voor een deel door het gebergte Cuchillas de Moa, de ‘Messen van Moa’. De chauffeur rijdt slingerend van links naar rechts en weer terug om de ergste putten te vermijden, aan een duizelingwekkende snelheid van 5 tot 30 kilometer per uur, naargelang de staat van de weg. De tijd kruipt. Het grootste gedeelte van het gebergte bestaat uit puur nikkelen ijzererts. Waar de naakte rots door de vegetatie priemt is de warme diepbruine kleur van het erts zichtbaar. We passeren langs de ingang van het Parque Nacional de Alejandro de Humboldt, een natuurreservaat dat het grootste deel van de provincie beslaat. Twee derde van de nikkelberg ligt erin en wordt dus niet ontgint.

Bij aankomst in Hotel El Castillo, zo genaamd omdat er ooit een fort stond, maakten we kennis met de gezondheidszorg. Piet was een beetje ziekjes door de airconditioning in de bus en dat werd opgemerkt door een verpleegster die in het hotel aanwezig was. Ze informeerde naar zijn toestand en wou reeds met de patiënt naar een kliniek, doch deze spoedde zich naar zijn hotelkamer om er de ongesteldheid uit te zweten. ’s Anderendaags was ik als eerste in de lobby en daar stond de verpleegster. Ze wou weten hoe het met mijn reisgezel ging. Gelukkig was hij aan de beterhand.

 

Autopista. Autostrade. De autostrade bestaat uit tweemaal twee of drie baanvakken, uitgezonderd daar waar er om welke reden dan ook (wegenwerken, beschadigd wegdek, plaatsgebrek, etc.) slechts eenmaal twee of drie baanvakken zijn. Opritten zijn er alleen bij de grotere steden. Elders monden de straten en uitritten van haciendas in gewone kruispunten op de autoweg uit. Vertraag vooral bij de onbewaakte overwegen: de trein heeft immers voorrang. Op sommige plaatsen zijn er controlepunten waar een controleur in uniform staat. Daar staan altijd mensen te wachten op vervoer. De controleur kan alle voertuigen met een blauwe nummerplaat, dat zijn de voertuigen van de overheid, doen stoppen, de reisbestemming nazien op de transportdocumenten en de chauffeur verplichten om mensen

mee te nemen naar plaatsen die langs zijn reisweg liggen. Chauffeurs met een gele nummerplaat, privépersonen, stoppen op vrijwillige basis om mensen mee te nemen. Op de autopista komt men allerlei voertuigen tegen: vrachtwagens, personenwagens, autobussen, moto’s, tractoren, koetsen, bereden paarden, fietsen en ook voetgangers. Runderen vinden het normaal om langs de weg of in de middenberm te grazen. Daar staan ook her en der verkopers van vooral uien en strengen look, zodat ze aan beide zijden klanten kunnen werven. Wie wenst te kopen stopt gewoon op het derde baanvak. Wie in een cafetaria aan de overkant van de autostrade wil zijn, rijdt los door de middenberm. Wanneer je weer vertrekt rijd je gewoon achterwaarts de baan op, keer je de wagen en rijd je weer door de middenberm om verder te reizen. Soms kom je een zeldzaam bord tegen met het opschrift: “Opgepast ! Controle op 300

meter.” En jawel, daar staat de politie. Goeie rit.

 

Bezoek bij de CTC, Central de Trabajadores de Cuba, de centrale vakbond van de Cubaanse arbeiders, opgericht op 1 januari 1939. Ze onderhoudt relaties met meer dan 150 vakbonden

in 136 landen. Na een verwelkoming en een korte geschiedenis van de CTC worden de hedendaagse problemen besproken. Ook Cuba werd in 2006 getroffen door de economische crisis, maar werd toen ook geteisterd door drie cyclonen – waarvan een over de hele lengte van het eiland trok – die een schade van 10 miljard dollar aanrichtten zowel in infrastructuur als in de landbouw. Deze schade vertegenwoordigde een vijfde van het bruto nationaal product. Tijdens de jaren 2007 en 2008 werd deze schade hersteld. Bedenk hierbij dat de boycot door de Verenigde Staten zeer nadelig is en dat Cuba geen enkele steun krijgt van de Wereldbank, het IMF of enige ander internationale financiële instelling. Sinds 2009 trekt de economie weer aan, vooral in de basisindustrie. Er zijn meer nieuwe gemengde bedrijven (petroleum, toerisme, landbouw) waarvan 51% in handen is van de staat en 49% in handen van de privé. Havana Club is een oud voorbeeld van de samenwerking tussen de Cubaanse overheid en de Franse firma Pernod Ricard Europe.

 

Tijdens het vakbondscongres van 2010 werden door de leden, arbeiders en landbouwers in meer dan 80.000 vergaderingen op verschillende plaatsen in het land 316 resoluties aangenomen die de toekomst bepalen. Sinds juni 2011 is het parlement bezig deze resoluties in wetten om te zetten. Het nieuwe economische model is de verantwoordelijkheid van de vakbond.

 

Uit een studie blijkt dat 500.000 arbeiders geen aangepast werk hebben of overtollig zijn. Deze mensen worden niet ontslagen maar de werkgelegenheid wordt herschikt. Er is herscholing waarbij de wedde verder uitbetaald wordt. Door het ‘verzelfstandigen’ van jobs, bijvoorbeeld in het toerisme, zijn er 115.000 nieuwe zelfstandigen. Zij genieten dezelfde sociale zekerheid als de arbeiders. Het zelfstandig statuut werd voor 138 beroepen erkend. Hun loon moet minimum overeenkomen met het gemiddelde van de sector.

 

De CTC beseft dat er nog veel werk te doen is. Niet alles in Cuba is koek en ei. Het land moet nog altijd een groot deel van zijn voedsel importeren. Een van de leveranciers zijn de Verenigde Staten. Voor voeding werd een uitzondering op het embargo toegelaten uit humanitaire redenen, maar wel tegen het dubbele van de gangbare prijs. Deze uitzondering geldt merkwaardig genoeg niet voor geneesmiddelen.

 

In het Casa de la Amistad, het huis van de vriendschap, was Manolito, de secretaris-generaal van het SNTIL, Sindicato Nacional de Trabajadores de la Industria Ligera, ten zeerste

verheugd zijn compañero Piet terug te zien. Manolito kwam daarvoor speciaal van Bayamo in het oosten van Cuba. Vriendschap was inderdaad de reden waarvoor wij dit Caribische eiland bezochten en we waren tevreden oude kennissen terug te zien. Hasta la Victora siempre !

 

Johan Walgraeve en Piet De Pauw

Overgenomen uit : Unie der zorgelozen/De gazet/Winter 2012


Reageren?

Nog geen reacties ontvangen
Voeg hieronder uw mening toe

* - verplicht veld

*





*
*